Onderwerpengroep · Aardrijkskunde
Kaart en ruimte
Plattegrond, kaart, schaal, oriënteren en andere ruimtelijke vaardigheden.
Aanbevolen leesvolgorde
- Kaarten lezen en maken WerkwijzeconceptBegrippen: Schaal
Doelen in deze rubriek
Herkomst: Op.stap-subdomein Ruimtelijke vaardigheden. De groepering van artikelen is redactioneel; de doelen behouden hun eigen indeling.
- 4.3.GJK.1 jongste kleuter · De leerlingen kunnen een foto en een tekening herkennen als een verkleinde weergave van een werkelijke ruimte.
- 4.3.GJK.2 jongste kleuter · De leerlingen kunnen elementen op een foto of tekening van een ruimte herkennen.
- 4.3.GK2.1 2de kleuter · De leerlingen kunnen een wereldbol herkennen als een verkleinde weergave van de aarde.
- 4.3.GK2.2 2de kleuter · De leerlingen kunnen voorgestelde elementen op een wereldbol identificeren.
- 4.3.GK2.3 2de kleuter · De leerlingen kunnen een maquette herkennen als een verkleinde weergave van een werkelijke ruimte.
- 4.3.GK3.1 3de kleuter · De leerlingen kunnen een ruimtelijke indeling van een kamer en een buitenruimte beschrijven door observatie en geheugen.
- 4.3.GK3.2 3de kleuter · De leerlingen kunnen voorgestelde elementen op een wereldbol lokaliseren.
- 4.3.GK3.3 3de kleuter · De leerlingen kunnen een geobserveerde ruimte weergeven door middel van een eenvoudige tekening of schets.
- 4.3.GK3.4 3de kleuter · De leerlingen kunnen voorgestelde elementen op een maquette identificeren.
- 4.3.GK3.5 3de kleuter · De leerlingen kunnen een plattegrond herkennen als een verkleinde en vereenvoudigde weergave van een ruimte.
- 4.3.GK3.6 3de kleuter · De leerlingen kunnen een kaart herkennen als een tekening waarop de naam en de ligging van plaatsen staat.
- 4.3.GL1.1 1ste leerjaar · De leerlingen kunnen voorgestelde elementen op een wereldbol lokaliseren.
- 4.3.GL1.2 1ste leerjaar · De leerlingen kunnen elementen op een luchtfoto identificeren.
- 4.3.GL1.3 1ste leerjaar · De leerlingen kunnen zelf een maquette van een voor hen bekende omgeving maken.
- 4.3.GL1.4 1ste leerjaar · De leerlingen kunnen een maquette oriënteren op basis van herkenningspunten in de werkelijke ruimte.
- 4.3.GL1.5 1ste leerjaar · De leerlingen kunnen voorgestelde elementen op een maquette lokaliseren.
- 4.3.GL1.6 1ste leerjaar · De leerlingen kunnen bij een eigen maquette een legende met symbolen maken.
- 4.3.GL1.7 1ste leerjaar · De leerlingen kunnen voorgestelde elementen op een plattegrond identificeren.
- 4.3.GL1.8 1ste leerjaar · De leerlingen kunnen voorgestelde elementen op een plattegrond lokaliseren.
- 4.3.GL1.9 1ste leerjaar · De leerlingen kunnen de legende bij een plattegrond verkennen.
- 4.3.GL1.10 1ste leerjaar · De leerlingen kunnen voorgestelde elementen op een analoge en digitale kaart lokaliseren.
- 4.3.GL2.1 2de leerjaar · De leerlingen kunnen met betrekking tot aardrijkskundige vaardigheden: zichzelf in de werkelijke ruimte oriënteren met behulp van verschillende methoden: plattegrond;
- 4.3.GL2.2 2de leerjaar · De leerlingen kunnen zelf een plattegrond maken van een voor hen bekende omgeving.
- 4.3.GL2.3 2de leerjaar · De leerlingen kunnen een plattegrond oriënteren op basis van herkenningspunten in de werkelijke ruimte.
- 4.3.GL2.4 2de leerjaar · De leerlingen kunnen voorgestelde elementen op een plattegrond identificeren.
- 4.3.GL2.5 2de leerjaar · De leerlingen kunnen voorgestelde elementen op een plattegrond lokaliseren.
- 4.3.GL2.6 2de leerjaar · De leerlingen kunnen een route op een plattegrond van een bekende omgeving uitvoeren.
- 4.3.GL2.7 2de leerjaar · De leerlingen kunnen bij een eigen plattegrond een legende met symbolen maken.
- 4.3.GL2.8 2de leerjaar · De leerlingen kunnen een legende bij een plattegrond hanteren.
- 4.3.GL2.9 2de leerjaar · De leerlingen kunnen voorgestelde elementen op een analoge en digitale kaart lokaliseren.
- 4.3.GL3.1 3de leerjaar · De leerlingen kunnen met betrekking tot aardijkskundige vaardigheden: zichzelf oriënteren met behulp van verschillende methoden: kaart;
- 4.3.GL3.2 3de leerjaar · De leerlingen kunnen een route op een plattegrond uitstippelen.
- 4.3.GL3.3 3de leerjaar · De leerlingen kunnen met betrekking tot aardrijkskundige vaardigheden: een digitale en analoge kaart hanteren, inclusief oriëntatie, windrichtingen;
- 4.3.GL3.4 3de leerjaar · De leerlingen kunnen voorgestelde elementen op een analoge en digitale kaart lokaliseren.
- 4.3.GL3.5 3de leerjaar · De leerlingen kunnen het werken met een legende verkennen.
- 4.3.GL4.1 4de leerjaar · De leerlingen kunnen een route op een analoge kaart uitvoeren.
- 4.3.GL4.2 4de leerjaar · De leerlingen kunnen met betrekking tot aardijkskundige vaardigheden: zichzelf oriënteren met behulp van verschillende methoden: kompas;
- 4.3.GL4.3 4de leerjaar · De leerlingen kunnen met betrekking tot aardijkskundige vaardigheden: zichzelf oriënteren met behulp van verschillende methoden: zon;
- 4.3.GL4.4 4de leerjaar · De leerlingen kunnen met betrekkingen tot aardrijkskundige vaardigheden: landschappen schetsen om menselijke en natuurlijke aspecten schematisch weer te geven;
- 4.3.GL4.5 4de leerjaar · De leerlingen kunnen met betrekking tot aardrijkskundige vaardigheden: een digitale en analoge kaart hanteren, inclusief werken met legende, oriëntatie, (tussen)windrichtingen;
- 4.3.GL4.6 4de leerjaar · De leerlingen kunnen een route op een analoge kaart uitstippelen.
- 4.3.GL4.7 4de leerjaar · De leerlingen kunnen met betrekking tot aardrijkskundige vaardigheden: werken met register;
- 4.3.GL4.8 4de leerjaar · De leerlingen kunnen met betrekking tot aardrijkskundige vaardigheden: werken met vakcoördinaten;
- 4.3.GL4.9 4de leerjaar · De leerlingen kunnen een route op een digitale routeplanner uitvoeren.
- 4.3.GL4.10 4de leerjaar · De leerlingen kunnen een route met een digitale routeplanner uitstippelen.
- 4.3.GL5.1 5de leerjaar · De leerlingen kunnen met betrekking tot aardrijkskundige vaardigheden: satellietbeelden hanteren;
- 4.3.GL5.2 5de leerjaar · De leerlingen kunnen met betrekking tot aardrijkskundige vaardigheden: verschillende soorten kaarten gebruiken: staatkundig;
- 4.3.GL5.3 5de leerjaar · De leerlingen kunnen met betrekking tot aardrijkskundige vaardigheden: verschillende soorten kaarten gebruiken: natuurkundig;
- 4.3.GL5.4 5de leerjaar · De leerlingen kunnen met betrekking tot aardrijkskundige vaardigheden: verschillende soorten kaarten gebruiken: thematisch;
- 4.3.+L5.1 5de leerjaar · De leerlingen kunnen werken met schaal.
- 4.3.GL6.1 6de leerjaar · De leerlingen kunnen met betrekking tot aardrijkskundige vaardigheden: verschillende soorten kaarten gebruiken: staatkundig;
- 4.3.GL6.2 6de leerjaar · De leerlingen kunnen met betrekking tot aardrijkskundige vaardigheden: verschillende soorten kaarten gebruiken: natuurkundig;
- 4.3.GL6.3 6de leerjaar · De leerlingen kunnen met betrekking tot aardrijkskundige vaardigheden: verschillende soorten kaarten gebruiken: thematisch;
- 4.3.GL6.4 6de leerjaar · De leerlingen kunnen met betrekking tot aardrijkskundige vaardigheden: een klein gebied in kaart brengen met behulp van cartografische technieken: generaliseren, symboliseren, oriënteren, schaal aanbrengen;