Predoelen zijn in Op.stap georganiseerd per fase, niet per leerjaar. Kennisatlas vertaalt die fasen niet naar een leerjaar.
23 doelen in geschiedenis, aardrijkskunde en wetenschap en techniek. Kennisdossiers voor deze route zijn nog niet uitgewerkt.
Fase 1 (P)
3.1.PF1.1Wetenschap en techniekDe leerling bouwt vertrouwdheid op met zintuiglijke prikkels uit de natuur in het hier en nu.
Fase 2 (P)
3.1.PF2.1Wetenschap en techniekDe leerling verkent zintuiglijke prikkels uit de natuur.
3.1.PF2.2Wetenschap en techniekDe leerling herkent vertrouwde elementen uit de natuur.
3.3.PF2.1Wetenschap en techniekDe leerling verkent speels en begeleid lichaamsgebonden woordenschat.
3.4.PF2.1Wetenschap en techniekDe leerling herkent vormen van materie via zintuiglijke verkenning.
4.1.PF2.1AardrijkskundeDe leerling verkent ruimtelijke begrippen in eigen context.
4.3.PF2.1AardrijkskundeDe leerling verkent weersverschijnselen met alle zintuigen.
4.3.PF2.2AardrijkskundeDe leerling drukt zich uit over ervaringen met weersverschijnselen.
Fase 3 (P)
3.1.PF3.1Wetenschap en techniekDe leerling kan met ondersteuning taal koppelen aan voorbeelden van dieren, planten en mensen.
3.1.PF3.2Wetenschap en techniekDe leerling kan met ondersteuning voorbeelden onderbrengen bij de categorie dieren, planten of mensen.
3.3.PF3.1Wetenschap en techniekDe leerling kan passend reageren op opdrachten met lichaamsbegrippen zoals hoofd, oog, oor, neus, mond, arm, been, voet en hand.
3.3.PF3.2Wetenschap en techniekDe leerling kan met ondersteuning taal koppelen aan de delen van zijn/haar lichaam.
3.4.PF3.1Wetenschap en techniekDe leerling kan met ondersteuning taal koppelen aan materie zoals steen, stof, hout, papier en de tactiele ervaring zoals glad, hard, zacht.
3.4.PF3.2Wetenschap en techniekDe leerling legt met ondersteuning verbanden tussen verschillende vormen van materie die tot dezelfde categorie (papier, glas, hout, stof) behoren.
3.7.PF3.1Wetenschap en techniekDe leerling kan voorwerpen combineren door ze te stapelen, te koppelen of in elkaar te plaatsen om een constructie te vormen.
3.7.PF3.2Wetenschap en techniekDe leerling kan het verband leggen tussen de losse elementen en het geheel.
3.7.PF3.3Wetenschap en techniekDe leerling ontdekt dat materie verandert als het wordt gemanipuleerd.
3.6.PF3.1Wetenschap en techniekDe leerling verkent met ondersteuning hoe een materiaal of object werkt.
4.1.PF3.1AardrijkskundeDe leerling kan met ondersteuning taal koppelen aan (spel)opdrachten met ruimtelijke begrippen.
4.2.PF3.1AardrijkskundeDe leerling kan met ondersteuning taal koppelen aan natuurlijke en menselijke aspecten in eigen leefwereld of op eigen (vakantie)foto's.
4.2.PF3.2AardrijkskundeDe leerling kan de seizoenen koppelen aan typische zintuiglijke ervaringen in hun leefwereld.
4.3.PF3.1AardrijkskundeDe leerling legt met ondersteuning een verband tussen de weersverschijnselen en de actie die erbij hoort.
4.3.PF3.2AardrijkskundeDe leerling kan met ondersteuning taal koppelen aan ervaringen met weersverschijnselen.