Op.stap-doel · Fase 2 (P)

4.1.PF2.1

De leerling verkent ruimtelijke begrippen in eigen context.

Discipline
Aardrijkskunde
Domein
Topografie
Subdomein
Relatieve en absolute ligging
Cluster
Relatieve ligging
Route
Predoelen (P)
Fase
Fase 2 (een fase, geen leerjaar)
Bron
Op.stap 1.3, momentopname 2 oktober 2026. Oorspronkelijke sleutel fdda28bd-916c-4764-b19e-cdaf6c4c4df8

Toelichting uit de bron

Ongewijzigde brontekst van Op.stap; niet door Kennisatlas als encyclopedische uitleg gecontroleerd.

De leerling ervaart ruimtelijke begrippen al handelend en bewegend binnen vertrouwde situaties. De focus ligt op het beleven van begrippen zoals 'in', 'uit', 'op', 'onder', 'naast', 'voor' en 'achter' in dagelijkse activiteiten en spel. De leraar biedt veel concrete ervaringen aan, verwoordt/duidt handelingen en koppelt ruimtelijke begrippen aan bewegingen, voorwerpen en situaties die betekenisvol zijn voor de leerling.
Voorbeeld(en):
  • De leerling kruipt in en uit een tunnel.
  • De leerling legt een voorwerp in een doos of haalt het eruit.
  • De leerling speelt onder een tafel of zit op een stoel.
  • De leerling ervaart ruimtelijke begrippen tijdens bewegingsspel of dagelijkse routines.

Kennis in de encyclopedie

Voor dit doel is nog geen artikel of dossier uitgewerkt.

Minimumdoelen

  • 4.1.3 derde kleuterklasDe kleuters kennen de volgende begrippen met betrekking tot relatieve ligging: dichtbij, veraf, voor, achter, opzij, boven, onder, tussen, binnen, buiten, hoog, laag, in, uit, naast, midden.Koppeling aangeleverd door de Op.stap-export (/agodi/onderwijsdoelen/opstap/92494); geen onafhankelijk gecontroleerde equivalentie.

Samenhang volgens de bron

De bron vermeldt geen samenhangrelaties.