Op.stap-doel · Fase 3 (P)
4.3.PF3.2
De leerling kan met ondersteuning taal koppelen aan ervaringen met weersverschijnselen.
Toelichting uit de bron
Ongewijzigde brontekst van Op.stap; niet door Kennisatlas als encyclopedische uitleg gecontroleerd.
De leerling leert woorden, gebaren, pictogrammen of andere communicatievormen verbinden met concrete ervaringen rond het weer. De betekenis ontstaat vanuit directe waarnemingen en dagelijkse belevenissen. De leraar ondersteunt via modeling, herhaling, observatie en gesprekken over actuele weerssituaties.
Voorbeeld(en):
Voorbeeld(en):
- De leerling koppelt het woord, gebaar of pictogram "regen" als het buiten regent.
- De leerling herkent het woord "zon" tijdens een buitenactiviteit in de zon.
- De leelring gaat buiten ervaren of het warm of koud is en koppelt een woord, picto aan deze beleving.
- De leerling koppelt weerswoorden aan eigen ervaringen tijdens een wandeling of speelmoment buiten.
Kennis in de encyclopedie
Voor dit doel is nog geen artikel of dossier uitgewerkt.
Minimumdoelen
De Op.stap-export bevat bij dit doel geen verwijzing naar een minimumdoel. Dat bewijst niet dat het doel buiten de minimumdoelen valt.
Samenhang volgens de bron
De bron vermeldt geen samenhangrelaties.