Op.stap-doel · Fase 3 (P)
4.1.PF3.1
De leerling kan met ondersteuning taal koppelen aan (spel)opdrachten met ruimtelijke begrippen.
Toelichting uit de bron
Ongewijzigde brontekst van Op.stap; niet door Kennisatlas als encyclopedische uitleg gecontroleerd.
De leerling leert ruimtelijke begrippen begrijpen en gebruiken binnen concrete opdrachten en spelactiviteiten. Taal omvat hierbij alle communicatievormen die betekenis geven aan ervaringen, zoals gesproken taal, gebaren, pictogrammen, voorwerpen of ondersteunende communicatie. De leraar ondersteunt via modeling, herhaling en gezamenlijke ervaringen en koppelt begrippen consequent aan handelen.
Voorbeeld(en):
Voorbeeld(en):
- De leerling legt een blok op, onder of naast een voorwerp na ondersteuning.
- De leerling volgt een opdracht zoals "zet de bal in de doos".
- De leerling wijst het juiste voorwerp aan bij een ruimtelijk begrip.
- De leerling reageert op begrippen zoals 'voor', 'achter', 'naast' of 'tussen' tijdens spel.
- De leerling gebruikt gebaren, pictogrammen of woorden om ruimtelijke begrippen te begrijpen of uit te drukken.
Kennis in de encyclopedie
Voor dit doel is nog geen artikel of dossier uitgewerkt.
Minimumdoelen
- 4.1.3 derde kleuterklas
Samenhang volgens de bron
De bron vermeldt geen samenhangrelaties.