Op.stap-doel · 6de leerjaar (G)
3.1.GL6.12
De leerlingen kennen de classificatie van organismen: de fauna: de gewervelden: de zoogdieren, de vogels, de reptielen, de amfibieën, de vissen; de ongewervelden: de geleedpotigen: de insecten, de spinachtigen; andere ongewervelden; de flora: de zaadplanten, de sporenplanten; de schimmels; de bacteriën.
Toelichting uit de bron
Ongewijzigde brontekst van Op.stap; niet door Kennisatlas als encyclopedische uitleg gecontroleerd.
De leerlingen bouwen een overzicht op van hoe organismen in groepen kunnen worden ingedeeld. Ze weten dat organismen kunnen behoren tot de fauna, de flora, de schimmels of de bacteriën. Binnen de fauna maken ze onderscheid tussen gewervelden en ongewervelden. Binnen de gewervelden herkennen ze zoogdieren, vogels, reptielen, amfibieën en vissen. Binnen de ongewervelden herkennen ze onder andere geleedpotigen, zoals insecten en spinachtigen, en andere ongewervelden. Binnen de flora maken ze onderscheid tussen zaadplanten en sporenplanten. Schimmels en bacteriën worden als aparte groepen benoemd.
Kennis in de encyclopedie
Voor dit doel is nog geen artikel of dossier uitgewerkt.
Minimumdoelen
- 3.1.2 zesde leerjaar
Samenhang volgens de bron
Relaties zoals Op.stap ze aanlevert, met type en richting ongewijzigd. Kennisatlas heeft hun betekenis nog niet beoordeeld; ze vormen nog geen bevestigde leerlijn.
Gaat vooraf (before)
- 3.1.GL5.3 5de leerjaar · De leerlingen kunnen reptielen beschrijven op basis van kenmerken: bouw.
- 3.1.GL5.6 5de leerjaar · De leerlingen kunnen zaadplanten beschrijven op basis van kenmerken: bouw.
- 3.1.GL5.7 5de leerjaar · De leerlingen kunnen zaadplanten beschrijven op basis van voortplantingswijze: geslachtelijke voortplanting.
- 3.1.GL5.8 5de leerjaar · De leerlingen kunnen zaadplanten beschrijven op basis van kenmerken: voedingswijze.
- 3.1.GL5.9 5de leerjaar · De leerlingen kennen de classificatie van organismen: de fauna: de gewervelden: de zoogdieren, de vogels, de reptielen, de amfibieën, de vissen; de ongewervelden: de geleedpotigen, de insecten, de spinachtigen; andere ongewervelden; de flora: de zaadplanten; de schimmels.
- 3.1.GL5.14 5de leerjaar · De leerlingen kennen de levenscyclus van reptielen.
- 3.2.GL5.9 5de leerjaar · De leerlingen kennen het volgende begrip: de schubben.
Samen te bekijken (together)
- 3.1.GL6.7 6de leerjaar · De leerlingen kunnen zaadplanten beschrijven op basis van voortplantingswijze: ongeslachtelijke voortplanting.
- 3.1.GL6.3 6de leerjaar · De leerlingen kennen de volgende begrippen met betrekking tot de classificatie van organismen: het classificeren, de taxonomie.
- 3.2.GL6.6 6de leerjaar · De leerlingen kunnen verwoorden dat omgevingen kunnen veranderen door natuurlijke of menselijke oorzaken.
- 3.1.GL6.9 6de leerjaar · De leerlingen kunnen bacteriën beschrijven op basis van kenmerken: voortplantingswijze.
- 2.4.GL6.34 Wiskunde De leerling kan uitdrukkingen met logische begrippen gebruiken in concrete situaties [H1]. (buiten de selectie van Kennisatlas)
- 3.2.GL6.8 6de leerjaar · De leerlingen kennen de volgende begrippen: de stek, de bol, de knol, de wortelstok, de uitloper.
- 3.1.GL6.4 6de leerjaar · De leerlingen kunnen sporenplanten beschrijven op basis van kenmerken: bouw.
- 3.7.GL6.1 6de leerjaar · De leerlingen kunnen een onderzoek opzetten met behulp van de onderzoekscyclus.
- 2.4.GL6.36 Wiskunde De leerling kan classificeren volgens meerdere criteria [H1]. (buiten de selectie van Kennisatlas)
- 3.2.GL6.1 6de leerjaar · De leerlingen kennen het volgende begrip: de biodiversiteit.
- 3.1.GL6.8 6de leerjaar · De leerlingen kunnen bacteriën beschrijven op basis van kenmerken: bouw.
- 3.1.GL6.2 6de leerjaar · De leerlingen kennen het volgende begrip: de bacteriën.
- 3.1.GL6.10 6de leerjaar · De leerlingen kunnen bacteriën beschrijven op basis van kenmerken: voedingswijze.
- 2.4.GL6.33 Wiskunde De leerling kent de begrippen: als, dan, alle, niet alle, juist één, geen, ten minste, ten hoogste [F]. (buiten de selectie van Kennisatlas)
- 3.1.GL6.5 6de leerjaar · De leerlingen kunnen sporenplanten beschrijven op basis van kenmerken: voortplantingswijze.