Op.stap-doel · 5de leerjaar (G)

3.1.GL5.13

De leerlingen kennen het proces van geslachtelijke voortplanting bij zaadplanten.

Discipline
Wetenschap en techniek
Domein
Organismen
Subdomein
Ontwikkeling en voortplanting van organismen
Route
Gemeenschappelijke doelen (G)
Fase
5de leerjaar
Bron
Op.stap 1.3, momentopname 2 oktober 2026. Oorspronkelijke sleutel 88cc792b-d33b-4403-be98-ce3d5dc9e984

Toelichting uit de bron

Ongewijzigde brontekst van Op.stap; niet door Kennisatlas als encyclopedische uitleg gecontroleerd.

De leerlingen leren dat geslachtelijke voortplanting bij zaadplanten verloopt in verschillende stappen. Eerst komt stuifmeel op de stamper terecht: dat noemen we bestuiving. Daarna kan bevruchting plaatsvinden in het vruchtbeginsel. Na de bevruchting ontstaan zaden: dat noemen we zaadvorming. De zaden worden daarna verspreid door bijvoorbeeld wind, water, dieren of mensen. Dat heet zaadverspreiding. Wanneer een zaad op een geschikte plaats terechtkomt en voldoende water, warmte en lucht krijgt, kan het beginnen groeien. Dat noemen we kieming.
Voorbeelden:
  • De leerling beschrijft het proces bij een appelboom: na bestuiving en bevruchting groeit uit de bloem een appel met zaden. De vorming van die zaden noemen we zaadvorming.
  • De leerling legt uit dat zaden op verschillende manieren verspreid kunnen worden: een paardenbloemzaadje waait weg met de wind, een bes wordt opgegeten door een vogel en zaden kunnen blijven kleven aan de vacht van een dier.
  • De leerling ordent de stappen van geslachtelijke voortplanting bij een zaadplant: bestuiving – bevruchting – zaadvorming – zaadverspreiding – kieming – groei van een nieuwe plant.
 Richtinggevende woordenschat: de zaadvorming, de zaadverspreiding, de kieming

Kennis in de encyclopedie

Voor dit doel is nog geen artikel of dossier uitgewerkt.

Minimumdoelen

  • 3.1.6 zesde leerjaarDe leerlingen kennen het proces van geslachtelijke en ongeslachtelijke voortplanting bij zaadplanten.Koppeling aangeleverd door de Op.stap-export (/agodi/onderwijsdoelen/opstap/92791); geen onafhankelijk gecontroleerde equivalentie.

Samenhang volgens de bron

Relaties zoals Op.stap ze aanlevert, met type en richting ongewijzigd. Kennisatlas heeft hun betekenis nog niet beoordeeld; ze vormen nog geen bevestigde leerlijn.

Gaat vooraf (before)

  • 3.1.GL4.6 4de leerjaar · De leerlingen kunnen flora beschrijven op basis van kenmerken: voortplantingswijze.

Volgt na (after)

  • 3.1.GL6.13 6de leerjaar · De leerlingen kennen het volgende begrip: de ongeslachtelijke voortplanting.
  • 3.1.GL6.14 6de leerjaar · De leerlingen kennen het proces van ongeslachtelijke voortplanting bij zaadplanten.
  • 3.1.GL6.15 6de leerjaar · De leerlingen kennen het proces van geslachtelijke voortplanting bij sporenplanten.
  • 3.1.GL6.16 6de leerjaar · De leerlingen kunnen onderscheid maken tussen geslachtelijke en ongeslachtelijke voortplanting bij zaadplanten.

Verplicht samen (mandatoryTogether)

  • 3.1.GL5.10 5de leerjaar · De leerlingen kennen de volgende begrippen: de voortplanting, de geslachtelijke voortplanting.
  • 3.1.GL5.11 5de leerjaar · De leerlingen kennen de volgende begrippen: de bestuiving, de bevruchting.
  • 3.1.GL5.7 5de leerjaar · De leerlingen kunnen zaadplanten beschrijven op basis van voortplantingswijze: geslachtelijke voortplanting.