Op.stap-doel · 4de leerjaar (G)

3.1.GL4.6

De leerlingen kunnen flora beschrijven op basis van kenmerken: voortplantingswijze.

Discipline
Wetenschap en techniek
Domein
Organismen
Subdomein
Classificatie van organismen
Route
Gemeenschappelijke doelen (G)
Fase
4de leerjaar
Bron
Op.stap 1.3, momentopname 2 oktober 2026. Oorspronkelijke sleutel b208dd77-aafe-4644-9838-19977ebdb703

Toelichting uit de bron

Ongewijzigde brontekst van Op.stap; niet door Kennisatlas als encyclopedische uitleg gecontroleerd.

Flora beschrijven op basis van hun voortplantingswijze door te benoemen dat veel planten zich voortplanten via bloemen, vruchten en zaden. Daarbij herkennen leerlingen dat uit zaden nieuwe planten kunnen groeien en dat bloemen en vruchten een rol spelen in de voortplanting van planten.
Voorbeelden: 
  • De leerling benoemt dat sommige planten bloemen vormen waaruit later vruchten of zaden kunnen ontstaan.
  • De leerling herkent zaden in vruchten, zoals pitten in een appel of zaden in een tomaat.
  • De leerling beschrijft eenvoudig dat uit een zaad een nieuwe plant kan groeien.
  • De leerling merkt op dat bloemen bezocht kunnen worden door insecten, die kunnen helpen bij de bestuiving.
  • De leerling vergelijkt planten op basis van hun voortplantingswijze, bijvoorbeeld planten met bloemen en vruchten tegenover planten waarbij vooral zaden zichtbaar zijn.
  • De leerling ordent voorbeelden uit de omgeving volgens de voortplantingswijze, zoals appelboom → bloem → vrucht → zaad.
  • De leerling legt eenvoudig uit dat zaden verspreid kunnen worden, bijvoorbeeld door wind of dieren.

Kennis in de encyclopedie

Voor dit doel is nog geen artikel of dossier uitgewerkt.

Minimumdoelen

  • 3.1.3 vierde leerjaarDe leerlingen kunnen organismen beschrijven op basis van kenmerken: bouw en voortplantingswijze.Koppeling aangeleverd door de Op.stap-export (/agodi/onderwijsdoelen/opstap/92740); geen onafhankelijk gecontroleerde equivalentie.

Samenhang volgens de bron

Relaties zoals Op.stap ze aanlevert, met type en richting ongewijzigd. Kennisatlas heeft hun betekenis nog niet beoordeeld; ze vormen nog geen bevestigde leerlijn.

Gaat vooraf (before)

  • 3.1.GK3.3 3de kleuter · De leerlingen kennen de volgende begrippen met betrekking tot organismen: de fauna, de flora.
  • 3.1.GK2.4 2de kleuter · De leerlingen kunnen planten beschrijven op basis van waarneembare kenmerken.
  • 3.1.GL3.9 3de leerjaar · De leerlingen kennen de classificatie van organismen: de fauna: de zoogdieren, de vogels, de vissen, de insecten, de spinachtigen; de flora; de schimmels.

Volgt na (after)

  • 3.1.GL5.7 5de leerjaar · De leerlingen kunnen zaadplanten beschrijven op basis van voortplantingswijze: geslachtelijke voortplanting.
  • 3.1.GL5.9 5de leerjaar · De leerlingen kennen de classificatie van organismen: de fauna: de gewervelden: de zoogdieren, de vogels, de reptielen, de amfibieën, de vissen; de ongewervelden: de geleedpotigen, de insecten, de spinachtigen; andere ongewervelden; de flora: de zaadplanten; de schimmels.
  • 3.1.GL5.10 5de leerjaar · De leerlingen kennen de volgende begrippen: de voortplanting, de geslachtelijke voortplanting.
  • 3.1.GL5.13 5de leerjaar · De leerlingen kennen het proces van geslachtelijke voortplanting bij zaadplanten.
  • 3.1.GL5.12 5de leerjaar · De leerlingen kennen het belang van insecten bij de bestuiving van zaadplanten.
  • 3.1.GL5.11 5de leerjaar · De leerlingen kennen de volgende begrippen: de bestuiving, de bevruchting.

Samen te bekijken (together)

  • 3.1.GL4.7 4de leerjaar · De leerlingen kennen de classificatie van organismen: de fauna: de gewervelden: de zoogdieren, de vogels, de amfibieën, de vissen; de ongewervelden: de insecten, de spinachtigen; de flora; de schimmels.
  • 3.1.GL4.5 4de leerjaar · De leerlingen kunnen flora beschrijven op basis van kenmerken: bouw.