Op.stap-doel · 2de kleuter (G)
3.1.GK2.4
De leerlingen kunnen planten beschrijven op basis van waarneembare kenmerken.
Toelichting uit de bron
Ongewijzigde brontekst van Op.stap; niet door Kennisatlas als encyclopedische uitleg gecontroleerd.
Planten beschrijven door waarneembare kenmerken te benoemen zoals de vorm, de kleur, de grootte en de geur.
Voorbeelden:
Richtinggevende woordenschat: de vorm, de geur, de kleur, de grootte
Voorbeelden:
- De leerling zegt dat een bloem rood of geel is.
- De leerling merkt op dat een boom groot is en gras klein.
- De leerling beschrijft dat bladeren groen zijn of een bepaalde vorm hebben.
- De leerling ruikt aan een bloem en zegt dat die lekker of sterk ruikt.
Richtinggevende woordenschat: de vorm, de geur, de kleur, de grootte
Kennis in de encyclopedie
Voor dit doel is nog geen artikel of dossier uitgewerkt.
Minimumdoelen
- 3.1.2 derde kleuterklas
Samenhang volgens de bron
Relaties zoals Op.stap ze aanlevert, met type en richting ongewijzigd. Kennisatlas heeft hun betekenis nog niet beoordeeld; ze vormen nog geen bevestigde leerlijn.
Volgt na (after)
- 3.1.GL1.1 1ste leerjaar · De leerlingen kunnen planten beschrijven op basis van kenmerken: bouw.
- 3.1.GL4.6 4de leerjaar · De leerlingen kunnen flora beschrijven op basis van kenmerken: voortplantingswijze.
Samen te bekijken (together)
- 3.7.GK2.2 2de kleuter · De leerlingen kunnen gericht waarnemen tijdens een onderzoek.
- 3.1.GK2.15 2de kleuter · De leerlingen kunnen beschrijven aan de hand van voorbeelden hoe planten groeien en ontwikkelen.
Verplicht samen (mandatoryTogether)
- 3.2.GK2.7 2de kleuter · De leerlingen kennen de volgende begrippen: de wortel, de stengel, het blad, de bloem.