Op.stap-doel · 6de leerjaar (G)

3.1.GL6.13

De leerlingen kennen het volgende begrip: de ongeslachtelijke voortplanting.

Discipline
Wetenschap en techniek
Domein
Organismen
Subdomein
Ontwikkeling en voortplanting van organismen
Cluster
Begrippen
Route
Gemeenschappelijke doelen (G)
Fase
6de leerjaar
Bron
Op.stap 1.3, momentopname 2 oktober 2026. Oorspronkelijke sleutel e894a38b-4538-41df-9d92-2f8f41155191

Toelichting uit de bron

Ongewijzigde brontekst van Op.stap; niet door Kennisatlas als encyclopedische uitleg gecontroleerd.

De leerlingen leren dat ongeslachtelijke voortplanting betekent dat er een nieuw organisme ontstaat uit één ouder. Er zijn geen mannelijke en vrouwelijke geslachtscellen nodig en er is dus ook geen bevruchting. Bij planten kan een nieuwe plant bijvoorbeeld groeien uit een deel van de ouderplant, zoals een bol, knol, stek, wortelstok of uitloper. Ook bacteriën planten zich ongeslachtelijk voort: één bacterie deelt zich in twee nieuwe bacteriën.
Voorbeelden:
  • De leerling beschrijft dat uit een aardappelknol een nieuwe aardappelplant kan groeien.
  • De leerling legt uit dat een aardbeiplant via een uitloper een nieuw plantje kan vormen.
  • De leerling vergelijkt geslachtelijke en ongeslachtelijke voortplanting: bij geslachtelijke voortplanting zijn twee geslachtscellen nodig, bij ongeslachtelijke voortplanting ontstaat een nieuw organisme uit één ouder.

Kennis in de encyclopedie

Voor dit doel is nog geen artikel of dossier uitgewerkt.

Minimumdoelen

  • 3.1.4 zesde leerjaarDe leerlingen kennen de volgende begrippen: de voortplanting, de geslachtelijke voortplanting, de ongeslachtelijke voortplanting, de bestuiving, de bevruchting.Koppeling aangeleverd door de Op.stap-export (/agodi/onderwijsdoelen/opstap/92789); geen onafhankelijk gecontroleerde equivalentie.

Samenhang volgens de bron

Relaties zoals Op.stap ze aanlevert, met type en richting ongewijzigd. Kennisatlas heeft hun betekenis nog niet beoordeeld; ze vormen nog geen bevestigde leerlijn.

Gaat vooraf (before)

  • 3.1.GL5.11 5de leerjaar · De leerlingen kennen de volgende begrippen: de bestuiving, de bevruchting.
  • 3.1.GL5.10 5de leerjaar · De leerlingen kennen de volgende begrippen: de voortplanting, de geslachtelijke voortplanting.
  • 3.1.GL5.7 5de leerjaar · De leerlingen kunnen zaadplanten beschrijven op basis van voortplantingswijze: geslachtelijke voortplanting.
  • 3.1.GL5.13 5de leerjaar · De leerlingen kennen het proces van geslachtelijke voortplanting bij zaadplanten.

Samen te bekijken (together)

  • 3.1.GL6.9 6de leerjaar · De leerlingen kunnen bacteriën beschrijven op basis van kenmerken: voortplantingswijze.
  • 3.1.GL6.2 6de leerjaar · De leerlingen kennen het volgende begrip: de bacteriën.

Verplicht samen (mandatoryTogether)

  • 3.1.GL6.7 6de leerjaar · De leerlingen kunnen zaadplanten beschrijven op basis van voortplantingswijze: ongeslachtelijke voortplanting.
  • 3.1.GL6.16 6de leerjaar · De leerlingen kunnen onderscheid maken tussen geslachtelijke en ongeslachtelijke voortplanting bij zaadplanten.
  • 3.2.GL6.8 6de leerjaar · De leerlingen kennen de volgende begrippen: de stek, de bol, de knol, de wortelstok, de uitloper.
  • 3.1.GL6.14 6de leerjaar · De leerlingen kennen het proces van ongeslachtelijke voortplanting bij zaadplanten.
  • 3.1.GL6.5 6de leerjaar · De leerlingen kunnen sporenplanten beschrijven op basis van kenmerken: voortplantingswijze.