Op.stap-doel · 4de leerjaar (G)

3.7.GL4.3

De leerlingen kunnen systematisch waarnemingen noteren.

Discipline
Wetenschap en techniek
Domein
Systematische en methodische benadering van wetenschappelijke en technologische problemen
Subdomein
Onderzoekende houding
Route
Gemeenschappelijke doelen (G)
Fase
4de leerjaar
Bron
Op.stap 1.3, momentopname 2 oktober 2026. Oorspronkelijke sleutel 4904c9cc-b30b-4a79-88a0-6ba926af782f

De bron bevat geen toelichting bij dit doel.

Kennis in de encyclopedie

Voor dit doel is nog geen artikel of dossier uitgewerkt.

Minimumdoelen

  • 3.6.4 vierde leerjaarDe leerlingen kunnen systematisch waarnemingen noteren en conclusies trekken.Koppeling aangeleverd door de Op.stap-export (/agodi/onderwijsdoelen/opstap/92777); geen onafhankelijk gecontroleerde equivalentie.

Samenhang volgens de bron

Relaties zoals Op.stap ze aanlevert, met type en richting ongewijzigd. Kennisatlas heeft hun betekenis nog niet beoordeeld; ze vormen nog geen bevestigde leerlijn.

Gaat vooraf (before)

  • 3.7.GL3.1 3de leerjaar · De leerlingen kennen deze stappen van een onderzoek: de onderzoeksvraag, de voorspelling, de test, de conclusie.
  • 3.7.GL3.2 3de leerjaar · De leerlingen kunnen een eenvoudig onderzoek plannen en uitvoeren.

Volgt na (after)

  • 3.7.GL5.3 5de leerjaar · De leerlingen kennen de volgende begrippen: de onderzoekscyclus, verkennen, onderzoek opzetten, onderzoek uitvoeren, concluderen, presenteren.
  • 3.7.GL5.1 5de leerjaar · De leerlingen kennen de onderzoekscyclus als een gestructureerde aanpak met de volgende fasen: verkennen, onderzoek opzetten, onderzoek uitvoeren, concluderen, presenteren.
  • 3.7.GL5.2 5de leerjaar · De leerlingen kunnen met ondersteuning een onderzoek opzetten met behulp van de onderzoekscyclus.

Samen te bekijken (together)

  • 3.7.GL4.8 4de leerjaar · De leerlingen kunnen conclusies trekken.
  • 3.5.GL4.7 4de leerjaar · De leerlingen weten dat voorwerpen kunnen vallen onder invloed van de zwaartekracht.
  • 2.5.GL4.2 Wiskunde De leerlingen kunnen informatie uit een tabel, lijngrafiek, beeld-, staaf- en (op zicht afleesbare) cirkeldiagrammen aflezen, interpreteren en vergelijken om daarmee afwegingen te maken. (buiten de selectie van Kennisatlas)
  • 3.5.GL4.4 4de leerjaar · De leerlingen weten dat geluid ontstaat door trillingen die zich voortplanten in lucht, vloeistoffen en vaste stoffen.
  • 2.5.GL4.3 Wiskunde De leerlingen kunnen een tabel en staafdiagram opstellen op basis van gegevens. (buiten de selectie van Kennisatlas)
  • 3.5.GL4.9 4de leerjaar · De leerlingen kennen kracht en beweging: de relatie tussen massa en de verandering van de beweging bij een bepaalde kracht.
  • 3.2.GL4.13 4de leerjaar · De leerlingen weten dat stoffen worden getransporteerd binnen dieren en planten.
  • 3.5.GL4.3 4de leerjaar · De leerlingen kennen geluid: ontstaan van geluid: trilling.
  • 3.1.GL4.7 4de leerjaar · De leerlingen kennen de classificatie van organismen: de fauna: de gewervelden: de zoogdieren, de vogels, de amfibieën, de vissen; de ongewervelden: de insecten, de spinachtigen; de flora; de schimmels.
  • 3.5.GL4.5 4de leerjaar · De leerlingen weten dat sommige soorten materie geluid beter doorgeven dan andere.
  • 2.5.GL4.1 Wiskunde De leerlingen kennen de begrippen: de lijngrafiek, het cirkeldiagram [F]. (buiten de selectie van Kennisatlas)
  • 3.5.GL4.8 4de leerjaar · De leerlingen kennen kracht en beweging: de relatie tussen kracht en de verandering van de beweging bij een bepaalde massa.
  • 3.7.GL4.1 4de leerjaar · De leerlingen kennen het concept van onderzoeksvraag en hypothese.

Verplicht samen (mandatoryTogether)

  • 3.2.GL4.19 4de leerjaar · De leerlingen kunnen onderzoeken dat planten groeien wanneer ze zonlicht, water en warmte krijgen.
  • 3.4.GL4.1 4de leerjaar · De leerlingen kunnen materie onderzoeken en vergelijken op basis van hun eigenschappen: de oplosbaarheid.
  • 3.5.+L4.2 4de leerjaar · De leerling kan aantonen dat water een voorwerp omhoog duwt en zo mee bepaalt of het drijft of zinkt.
  • 3.5.+L4.1 4de leerjaar · De leerling kan onderzoeken hoe eigenschappen van materie beïnvloeden of iets drijft of zinkt.