Op.stap-doel · 3de kleuter (G)
3.2.GK3.3
De leerlingen kunnen met ondersteuning afval sorteren in deze categorieën: restafval, PMD, papier en karton, groenafval.
Toelichting uit de bron
Ongewijzigde brontekst van Op.stap; niet door Kennisatlas als encyclopedische uitleg gecontroleerd.
De kleuters oefenen het sorteren van afval in de categorieën restafval, PMD, papier en karton en groenafval, nog steeds met ondersteuning van de leraar. In vergelijking met tweede kleuter kan de ondersteuning geleidelijk verfijnd worden: kleuters herkennen de categorieën al vaker, gebruiken pictogrammen of foto’s doelgerichter en kunnen na een visuele of mondelinge hint hun keuze bijsturen. Het sorteren gebeurt vooral in functionele situaties, zoals na het fruitmoment, lunchmoment, koekmoment, knutselen, buitenspel of opruimen.
De nadruk ligt niet op foutloos zelfstandig sorteren, maar op het leren volgen van een denkstap: Wat is het? Waarvan is het gemaakt? In welke bak hoort het? De leraar ondersteunt met concrete materialen, vaste afvalbakken, kleuren, pictogrammen, foto’s en voorbeeldmateriaal. Zo wordt afval sorteren een herkenbare routine én een eerste stap in zorg dragen voor de klas- en schoolomgeving.
Voorbeelden:
De nadruk ligt niet op foutloos zelfstandig sorteren, maar op het leren volgen van een denkstap: Wat is het? Waarvan is het gemaakt? In welke bak hoort het? De leraar ondersteunt met concrete materialen, vaste afvalbakken, kleuren, pictogrammen, foto’s en voorbeeldmateriaal. Zo wordt afval sorteren een herkenbare routine én een eerste stap in zorg dragen voor de klas- en schoolomgeving.
Voorbeelden:
- De kleuter legt met ondersteuning een bananenschil, appelschil of restje fruit bij groenafval.
- De kleuter legt een tekening, papierrest, papieren zakje of kartonnen doosje bij papier en karton.
- De kleuter legt een geschikte lege verpakking met hulp van een pictogram of voorbeeld in de bak voor PMD.
- De kleuter legt afval dat niet bij de andere gekende categorieën past, met ondersteuning van de leraar, bij restafval.
- De kleuter corrigeert zichzelf na een hint, bijvoorbeeld: “Kijk eens naar de foto op de bak. Zie je daar papier, fruit of verpakking?”
- De kleuter helpt tijdens het opruimen door afval bij de juiste bak te leggen en benoemt eventueel: “Dit is papier”, “Dit is groenafval”, “Dit hoort bij PMD.”
Kennis in de encyclopedie
Voor dit doel is nog geen artikel of dossier uitgewerkt.
Minimumdoelen
- 3.2.4 vierde leerjaar
Samenhang volgens de bron
Relaties zoals Op.stap ze aanlevert, met type en richting ongewijzigd. Kennisatlas heeft hun betekenis nog niet beoordeeld; ze vormen nog geen bevestigde leerlijn.
Gaat vooraf (before)
- 3.2.GK2.5 2de kleuter · De leerlingen kunnen deze categorieën van afval herkennen: restafval, PMD, papier en karton, groenafval.
- 3.2.GK2.6 2de kleuter · De leerlingen kunnen met ondersteuning afval sorteren in deze categorieën: restafval, PMD, papier en karton, groenafval.
Volgt na (after)
- 3.2.GL1.1 1ste leerjaar · De leerlingen kennen het volgende begrip: het sorteren.
- 3.2.GL1.4 1ste leerjaar · De leerlingen kennen deze categorieën: restafval, PMD, papier en karton, groenafval.
- 3.2.GL1.5 1ste leerjaar · De leerlingen kunnen afval sorteren in deze categorieën: restafval, PMD, papier en karton, groenafval.
- 3.2.GL1.6 1ste leerjaar · De leerlingen kunnen verwoorden aan de hand van voorbeelden waarom het belangrijk is om afval te sorteren.