Op.stap-doel · 2de kleuter (G)
3.2.GK2.4
De leerlingen kunnen benoemen wat dieren eten.
Toelichting uit de bron
Ongewijzigde brontekst van Op.stap; niet door Kennisatlas als encyclopedische uitleg gecontroleerd.
De kleuters leren eenvoudige voorbeelden benoemen van wat dieren eten. De focus ligt op herkenbare dieren uit hun leefwereld, zoals een koe, paard, konijn, vogel, kat, hond, vis, eend of kip. Ze verwoorden in eenvoudige zinnen wat een dier eet: “De koe eet gras”, “De vogel eet wormen”, “De kat eet vlees.”
Dit doel bouwt verder op het benoemen van wat mensen eten. Kleuters ontdekken dat mensen en dieren voedsel nodig hebben, maar dat ze niet allemaal hetzelfde eten. De leraar vertrekt best vanuit concrete materialen, prenten, speelgoeddiertjes, verhalen, de boerderijhoek, een natuurwandeling of een bezoek aan een kinderboerderij. Zo leren kleuters eenvoudige voedselrelaties herkennen zonder dat ze al abstract hoeven te denken in termen van voedselketens.
Voorbeelden:
Dit doel bouwt verder op het benoemen van wat mensen eten. Kleuters ontdekken dat mensen en dieren voedsel nodig hebben, maar dat ze niet allemaal hetzelfde eten. De leraar vertrekt best vanuit concrete materialen, prenten, speelgoeddiertjes, verhalen, de boerderijhoek, een natuurwandeling of een bezoek aan een kinderboerderij. Zo leren kleuters eenvoudige voedselrelaties herkennen zonder dat ze al abstract hoeven te denken in termen van voedselketens.
Voorbeelden:
- De kleuter benoemt dat een koe gras eet.
- De kleuter benoemt dat een vogel wormen, zaadjes of insecten kan eten.
- De kleuter benoemt dat een kat vlees of brokjes eet.
- De kleuter benoemt dat een konijn gras, hooi of groenten eet.
- De kleuter benoemt dat een vis visvoer of kleine diertjes/planten in het water kan eten.
- De kleuter benoemt dat een kip graantjes, wormpjes of kleine diertjes zoekt op de grond.
Kennis in de encyclopedie
Voor dit doel is nog geen artikel of dossier uitgewerkt.
Minimumdoelen
- 3.2.1 derde kleuterklas
Samenhang volgens de bron
Relaties zoals Op.stap ze aanlevert, met type en richting ongewijzigd. Kennisatlas heeft hun betekenis nog niet beoordeeld; ze vormen nog geen bevestigde leerlijn.
Gaat vooraf (before)
- 3.2.GK2.3 2de kleuter · De leerlingen kunnen benoemen wat mensen eten.
Volgt na (after)
- 3.2.GK3.2 3de kleuter · De leerlingen kennen het principe van eten en gegeten worden.
Samen te bekijken (together)
- 3.1.GK2.3 2de kleuter · De leerlingen kennen het volgende begrip met betrekking tot organismen: de vissen.
- 3.1.GK2.2 2de kleuter · De leerlingen kennen het volgende begrip met betrekking tot organismen: de vogels.
- 3.1.GK2.1 2de kleuter · De leerlingen kennen het volgende begrip met betrekking tot organismen: de zoogdieren.