Op.stap-doel · 2de kleuter (G)
3.4.GK2.2
De leerlingen kunnen materie kiezen in functie van het gebruiksdoel.
Toelichting uit de bron
Ongewijzigde brontekst van Op.stap; niet door Kennisatlas als encyclopedische uitleg gecontroleerd.
De leerlingen leren dat je niet zomaar eender welk materiaal kiest om iets te maken of te gebruiken. Ze ontdekken dat sommige vormen van materie of materialen beter passen bij een bepaald doel dan andere. De nadruk ligt op bewust kiezen vanuit een eenvoudige bedoeling: Wat wil ik maken? Welk materiaal past daarvoor? Waarom kies ik dat?
Bij tweede kleuter gebeurt dit in concrete handelingssituaties. Leerlingen kiezen bijvoorbeeld voor stevige blokken om een toren te bouwen, omdat blokken gestapeld kunnen worden en beter blijven staan dan bijvoorbeeld papier of stof. Zo verbinden ze hun kennis van materialen en eigenschappen met een gebruiksdoel.
Voorbeelden:
Bij tweede kleuter gebeurt dit in concrete handelingssituaties. Leerlingen kiezen bijvoorbeeld voor stevige blokken om een toren te bouwen, omdat blokken gestapeld kunnen worden en beter blijven staan dan bijvoorbeeld papier of stof. Zo verbinden ze hun kennis van materialen en eigenschappen met een gebruiksdoel.
Voorbeelden:
- De leerling kiest bewust voor blokken om een toren te bouwen.
- De leerling kiest blokken omdat die stevig zijn en op elkaar gestapeld kunnen worden.
- De leerling merkt dat een toren met blokken beter blijft staan dan een toren van slappe of zachte materialen.
- De leerling kiest een materiaal dat past bij wat hij of zij wil maken, bijvoorbeeld blokken voor bouwen, papier om op te tekenen of stof voor een verkleedspel.
- De leerling verwoordt met ondersteuning: “Ik kies blokken, want ik wil een toren bouwen.”
- De leerling probeert eventueel een ander materiaal uit en ontdekt dat niet elk materiaal even geschikt is voor hetzelfde doel.
Kennis in de encyclopedie
Voor dit doel is nog geen artikel of dossier uitgewerkt.
Minimumdoelen
- 3.4.1 derde kleuterklas
Samenhang volgens de bron
Relaties zoals Op.stap ze aanlevert, met type en richting ongewijzigd. Kennisatlas heeft hun betekenis nog niet beoordeeld; ze vormen nog geen bevestigde leerlijn.
Gaat vooraf (before)
- 3.4.GJK.1 jongste kleuter · De leerlingen kunnen veelvoorkomende vormen van materie in hun omgeving herkennen.
- 3.4.GJK.2 jongste kleuter · De leerlingen kunnen eigenschappen van materie benoemen op basis van zintuiglijke waarneming.
Volgt na (after)
- 3.4.GK3.1 3de kleuter · De leerlingen kunnen van gekende voorwerpen benoemen uit welke materie ze gemaakt zijn.
Samen te bekijken (together)
- 3.7.GK2.2 2de kleuter · De leerlingen kunnen gericht waarnemen tijdens een onderzoek.