Op.stap-doel · 3de kleuter (G)
3.1.GK3.5
De leerlingen kunnen spinnen beschrijven op basis van waarneembare kenmerken.
Toelichting uit de bron
Ongewijzigde brontekst van Op.stap; niet door Kennisatlas als encyclopedische uitleg gecontroleerd.
Spinnen beschrijven door waarneembare kenmerken te benoemen, zoals het lichaam (kopborststuk en achterlijf), acht poten en het ontbreken van voelsprieten.
Voorbeelden:
Voorbeelden:
- De leerling zegt dat een spin acht poten heeft.
- De leerling merkt op dat een spin geen voelsprieten heeft.
- De leerling benoemt dat een spin uit twee delen bestaat (kopborststuk en achterlijf).
- De leerling weet dat een spin draden kan maken (een web).
- De leerling vergelijkt een spin met een insect en benoemt verschillen (bv. 8 ↔ 6 poten, geen ↔ wel voelsprieten).
Kennis in de encyclopedie
Voor dit doel is nog geen artikel of dossier uitgewerkt.
Minimumdoelen
- 3.1.2 derde kleuterklas
Samenhang volgens de bron
Relaties zoals Op.stap ze aanlevert, met type en richting ongewijzigd. Kennisatlas heeft hun betekenis nog niet beoordeeld; ze vormen nog geen bevestigde leerlijn.
Gaat vooraf (before)
- 3.1.GJK.2 jongste kleuter · De leerlingen kennen het volgende begrip met betrekking tot organismen: de dieren.
Volgt na (after)
- 3.1.GL3.5 3de leerjaar · De leerlingen kunnen spinachtigen beschrijven op basis van kenmerken: bouw.
- 3.1.GL3.6 3de leerjaar · De leerlingen kunnen spinachtigen beschrijven op basis van kenmerken: voortplantingswijze.
Samen te bekijken (together)
- 3.7.GK3.2 3de kleuter · De leerlingen kunnen observaties beschrijven.
Verplicht samen (mandatoryTogether)
- 3.2.GK3.5 3de kleuter · De leerlingen kennen de volgende begrippen: het kopborststuk, het achterlijf, aantal poten.