Op.stap-doel · 1ste leerjaar (G)
3.2.GL1.8
De leerlingen kennen de volgende begrippen: de stam, de vrucht, het zaad.
Toelichting uit de bron
Ongewijzigde brontekst van Op.stap; niet door Kennisatlas als encyclopedische uitleg gecontroleerd.
De leerlingen bouwen verder op de begrippen die ze in de kleuterklas leerden rond de bouw van planten, zoals de wortel, de stengel, het blad en de bloem.
De leerlingen leren dat sommige planten, zoals bomen, een stam hebben. De stam is het stevige deel van een boom dat de takken draagt. Ze leren ook dat aan planten vruchten kunnen groeien en dat in een vrucht vaak zaden zitten. Een zaad is een klein deel van een plant waaruit een nieuwe plant kan groeien.
Voorbeelden:
De leerlingen leren dat sommige planten, zoals bomen, een stam hebben. De stam is het stevige deel van een boom dat de takken draagt. Ze leren ook dat aan planten vruchten kunnen groeien en dat in een vrucht vaak zaden zitten. Een zaad is een klein deel van een plant waaruit een nieuwe plant kan groeien.
Voorbeelden:
- De leerlingen wijzen bij een boom de stam aan en benoemen dat de stam het stevige deel is waaraan de takken vastzitten.
- De leerlingen bekijken een appel, peer, tomaat, paprika of pompoen en benoemen dit als een vrucht.
- De leerlingen snijden samen met de leraar een vrucht open en zoeken de zaden binnenin.
- De leerlingen bekijken verschillende zaden, zoals appelpitten, zonnebloempitten, bonen of pompoenpitten, en benoemen dat uit een zaad een nieuwe plant kan groeien.
- De leerlingen vergelijken een jonge plant met een boom en merken op dat een boom een stevige stam heeft.
- De leerlingen leggen prenten in volgorde: zaad → plant → bloem → vrucht → zaad.
- De leerlingen gebruiken eenvoudige zinnen: “Dit is de stam”, “In de vrucht zitten zaden”, “Uit een zaad kan een nieuwe plant groeien.”
Kennis in de encyclopedie
Voor dit doel is nog geen artikel of dossier uitgewerkt.
Minimumdoelen
- 3.2.7 vierde leerjaar
Samenhang volgens de bron
Relaties zoals Op.stap ze aanlevert, met type en richting ongewijzigd. Kennisatlas heeft hun betekenis nog niet beoordeeld; ze vormen nog geen bevestigde leerlijn.
Gaat vooraf (before)
- 3.2.GK2.7 2de kleuter · De leerlingen kennen de volgende begrippen: de wortel, de stengel, het blad, de bloem.
Volgt na (after)
- 3.2.GL4.12 4de leerjaar · De leerlingen kennen de functie van de verschillende delen van een plant: wortel, stengel, stam, bladeren, bloemen, vruchten, zaad.
Verplicht samen (mandatoryTogether)
- 3.1.GL1.1 1ste leerjaar · De leerlingen kunnen planten beschrijven op basis van kenmerken: bouw.