Minimumdoel · eindpunt vierde leerjaar

5.2.2

De leerlingen kennen typische vragen om te stellen over aangereikte bronnen:

  • hoe en waarom een bron is gemaakt;
  • wanneer en waar een bron is gemaakt.
Rubriek
Geschiedenis > Kennis van geschiedenis > Bronnengebruik
Soort
Te bereiken minimumdoelen op populatieniveau
Geldig vanaf
1 september 2025
Unieke code
4-5.2.2 (eindpunt + code)
Bron
Vlaamse overheid (AHOVOKS); record uit de KOV-export (/agodi/onderwijsdoelen/opstap/92411)

Vergelijking met de officiële brochure

Brochure p. 98: doelzin identiek; opsomming identiek.

Richtinggevende woordenschat (in de brochure opgenomen bij de rij voor dit eindpunt, die ook andere doelen kan bevatten): geschreven bronnen: manuscript, kroniek, verslag, mythe, wetboek, graffiti materiële bronnen: sieraden, ruïne, afval, gebouw, mozaïek, fresco, standbeeld, monument, grafgiften mondelinge tradities: verhalen, plaatsnamen, familienamen

Kennis in de encyclopedie

Voor dit minimumdoel is nog geen artikel gekoppeld.

Op.stap-doelen die hiernaar verwijzen

Koppelingen zoals de Op.stap-export ze aanlevert; niet onafhankelijk gecontroleerd.

  • 5.2.GL1.2 1ste leerjaar (G)De leerlingen kunnen typische vragen om te stellen over aangereikte bronnen herkennen: hoe en waarom een bron is gemaakt, wanneer en waar een bron is gemaakt.
  • 5.2.GL2.2 2de leerjaar (G)De leerlingen kunnen typische vragen herkennen om te stellen over aangereikte bronnen: hoe en waarom een bron is gemaakt, wanneer en waar een bron is gemaakt.
  • 5.2.GL3.2 3de leerjaar (G)De leerlingen kunnen typische vragen benoemen om te stellen over aangereikte bronnen: hoe en waarom een bron is gemaakt, wanneer en waar een bron is gemaakt.
  • 5.2.GL4.2 4de leerjaar (G)De leerlingen kennen typische vragen om te stellen over aangereikte bronnen: hoe en waarom een bron is gemaakt, wanneer en waar een bron is gemaakt.