Op.stap-doel · 3de kleuter (G)
3.1.GK3.8
De leerlingen kennen het volgende begrip: kiemen.
Toelichting uit de bron
Ongewijzigde brontekst van Op.stap; niet door Kennisatlas als encyclopedische uitleg gecontroleerd.
De kleuters ontdekken dat een zaadje kan kiemen wanneer het begint te groeien. Ze leren dat er uit een zaadje eerst een klein worteltje en daarna een klein plantje kan komen. De leraar gebruikt eenvoudige waarnemingen, prenten of een groeiproefje met zaadjes om het begrip kiemen zichtbaar en begrijpelijk te maken.
Voorbeelden:
Voorbeelden:
- De kleuter kijkt naar een zaadje in watten of aarde en merkt op dat er een klein worteltje uitkomt: het zaadje kiemt.
- De kleuter legt prenten in de juiste volgorde: zaadje – kiemend zaadje – klein plantje.
- De kleuter verwoordt eenvoudig: “Uit het zaadje komt een plantje.”
Kennis in de encyclopedie
Voor dit doel is nog geen artikel of dossier uitgewerkt.
Minimumdoelen
- 3.1.3 derde kleuterklas
Samenhang volgens de bron
Relaties zoals Op.stap ze aanlevert, met type en richting ongewijzigd. Kennisatlas heeft hun betekenis nog niet beoordeeld; ze vormen nog geen bevestigde leerlijn.
Gaat vooraf (before)
- 3.1.GK2.11 2de kleuter · De leerlingen kennen de volgende begrippen: geboren worden en groeien.
- 3.1.GK2.15 2de kleuter · De leerlingen kunnen beschrijven aan de hand van voorbeelden hoe planten groeien en ontwikkelen.
Volgt na (after)
- 3.1.GL4.8 4de leerjaar · De leerlingen kennen het volgende begrip: de levenscyclus.
Verplicht samen (mandatoryTogether)
- 3.1.GK3.10 3de kleuter · De leerlingen kennen de fasen van de levenscyclus van de plant: kieming, groei, voortplanting, dood.