Minimumdoel · eindpunt vierde leerjaar

4.1.2

De leerlingen kennen de volgende begrippen met betrekking tot relatieve ligging: de hoofdwindrichtingen, de tussenwindrichtingen, het noorden, het oosten, het zuiden, het westen, het noordoosten, het zuidoosten, het zuidwesten, het noordwesten, N, O, Z, W, NO, ZO, ZW, NW.

Rubriek
Aardrijkskunde > Topografie > Relatieve en absolute ligging
Soort
Te bereiken minimumdoelen op populatieniveau
Geldig vanaf
1 september 2025
Unieke code
4-4.1.2 (eindpunt + code)
Bron
Vlaamse overheid (AHOVOKS); record uit de KOV-export (/agodi/onderwijsdoelen/opstap/92556)

Kennis in de encyclopedie

Voor dit minimumdoel is nog geen artikel gekoppeld.

Op.stap-doelen die hiernaar verwijzen

Koppelingen zoals de Op.stap-export ze aanlevert; niet onafhankelijk gecontroleerd.

  • 4.1.GL1.6 1ste leerjaar (G)De leerlingen kunnen de volgende begrippen met betrekking tot relatieve ligging verkennen: het noorden, het oosten, het zuiden, het westen.
  • 4.1.GL2.5 2de leerjaar (G)De leerlingen kennen de volgende begrippen met betrekking tot relatieve ligging: de hoofdwindrichtingen, het noorden, het oosten, het zuiden, het westen, N, O, Z, W;
  • 4.1.GL3.12 3de leerjaar (G)De leerlingen kennen de volgende begrippen met betrekking tot relatieve ligging: de tussenwindrichtingen, het noordoosten, het zuidoosten, het zuidwesten, het noordwesten, NO, ZO, ZW, NW.