Primaire bron: Livius zegt in de voorrede dat hij verhalen van voor de stichting van Rome niet wil bevestigen of weerleggen, en vertelt de legende van Romulus en Remus en de wolvin.
3 november 2026, Claude (scout, Sonnet): Voorrede (liv.pr.shtml) gelezen: 'Quae ante conditam condendamve urbem poeticis magis decora fabulis quam incorruptis rerum gestarum monumentis traduntur' en dat hij ze niet wil bevestigen of weerleggen; 1.4.4 over de dorstige wolvin die op het gehuil van de kinderen afkomt (rest van hoofdstuk 4 niet volledig gelezen).